Leiden – What doesn’t kill you, makes you stronger.

Om maar onmiddellijk met de deur in huis te vallen, de marathon van Leiden is bepaald niet geworden wat ik er verwacht had. Bepaald niet. Niet eens in de buurt. Het idee was om in de rond mijn PR uit te komen. Dat zou afhankelijk zijn van de weersomstandigheden. Als het Leiden een beetje waait wordt het heel zwaar en kun je een goede tijd vergeten. In dat geval zou ik ook zeer tevreden met soepel uitlopen. Ik kwam niet eens in de buurt van soepel uitlopen, laat staan een goede tijd.

En voor de start zag het allemaal nog zo goed uit. Conditioneel was ik tip-top in orde. Het hele trainingsschema was probleemloos doorlopen. De lange duurlopen gaven bijzonder veel vertrouwen, prima tempo’s met een lage hartslag. Verder waren de weersomstandigheden ongeveer ideaal. Een graadje of 17 met een zonnetje en relatief weinig wind. Alle lichten stonden dus op groen. Nou ja, bijna alle lichten. Momenteel maak ik niet de fijnste periode door in mijn leven. Ik ga hier niet in details treden maar ik worstel met wat problemen waar ik effe niet helemaal uit kom. Dat vreet energie merk ik. Maar met lopen heb ik daar nooit last van. Sterker nog, als er iets is wat mijn hoofd leeg maakt en energie geeft, dan is het juist dat lopen. Dat zou dus goed moeten komen. Toch?

Na een korte herdenking van Leids sporticoon Aad van der Luit en het traditionele Wilhelmus gingen we op pad. Gelukkig werken ze in Leiden tegenwoordig met een flessenhalsstart. Het duurt wat langer voor je aan je wedstrijd maar je hebt onmiddellijk de ruimte en geen last van gedrang. De eerste kilometers voeren ons de stad uit in de richting van Zoeterwoude. Kilometers om een beetje in het ritme te komen, tempo te vinden. En dat lukt prima. Eigenlijk had ik onmiddellijk het juiste tempo, 5:25/kilometer te pakken. So far so good.

Voorbij Zoeterwoude duiken we voor het eerst de polder in. Karakteristiek voor de Leidse marathon. Heel veel trainingskilometers heb ik hier liggen maar het verveelt nooit. Wat een prachtige omgeving. Wel kwam ik hier tot de conclusie dat het zonnetje Zoeterwoudetoch iets feller scheen dat ik had ingeschat. Een petje had misschien een goed idee geweest. Het liep in deze fase wel lekker. Kilometers in 5 minuutjes en 25 seconden. Je kon de klok er op gelijk zetten. Hartslag op een prima niveau. Kon niet beter.

De oversteek van de Rijn over een tijdelijke brug vind ik ieder jaar weer bijzonder. Het is ook het punt waar de halve marathonlopers gescheiden worden van de marathonlopers. De halve marathonlopers gaan richting Leiderdorp terug naar Leiden. De marathonlopers gaan eerst richting Kouderkerk, daarna Hoogmade, via Roelofarendsveen (mijn geboortedorp) naar Nieuwe Wetering en Rijpwetering. Via polders van dorp naar dorp dus. Deze fase van de marathon verliep vlekkeloos. Nooit liep ik een marathon met zulke vlakke kilometertijden. Hartslag was prima en ik voelde me goed. Appeltje, eitje vandaag.

Het stukje tussen Rijpwetering en Oud-Ade is een kilometer. Ik keek uit naar Oud-Ade. Het is daar ieder jaar groot feest en ook dit jaar waren de verwachtingen hoog gespannen. En na Oud-Ade proberen iets te versnellen. Mooie plannen. Oud-Ade maakte de verwachtingen waar. Het was weer fantastisch. Thema Duits bierfeest, een hoop herrie, veel mensen, high fives. Als een mens daar niet blij van wordt….

Na Oud-Ade volgt een stuk polder. Van een kilometer of 5. Er staat daar voor mijn gevoel slechts 1 boom die ze vergeten zijn om te zagen. Verder niets. Dat stuk polder loop je

Stuk zitten
Foto van B. Paree

binnen via een bruggetje. Ik ken het als mijn broekzak. Tientallen malen liep ik hier tijdens mijn trainingen. Net na dat bruggetje staat vandaag echter een bordje “33km”. Ik zag dat bordje en van het ene moment op het ander moment was ik er helemaal klaar mee. Pff, nog 9km waarvan 5km door die godvergeten p*kkepolder. Hoe ga ik dat doen? Normaal gesproken verdwijnen dat soort gedachten onmiddellijk. Maar niet vandaag. Ik kreeg de negatieve gedachten er niet uit. Het sloeg naar mijn benen die als lood voelden en het tempo was er volledig uit. Klaar was ik.

Die 5 kilometer in die polder zijn de zwaarste geweest die ik ooit liep. Voor het eerst in 6 marathons heb ik serieus overwogen uit te stappen. Maar dan? De kortste weg de finish, waar al mijn spullen lagen, is toch echt over het marathonparcours. Aan het eind van de polder, aan de rand van de stad staat mijn huis. Daar lopen we dus vlak langs. Het is dat ik geen sleutel bij me had anders was het hier einde verhaal geweest. Door zwoegen dus maar. Tempo was er wel volledig uit. Ruim boven de 6 minuten per kilometer inmiddels. Het boeide me niet. Uitlopen zou al heel wat zijn.

Eenmaal weer in Leiden ging het iets beter. Er stonden weer mensen langs de kant die me wat energie gaven. Ik kon er zowaar weer een beetje tempo in krijgen. Heel, heel misschien kon ik hem nog binnen de 4 uur houden. Langs de singels, door de Morspoort Finishrichting de finish. Veel bekenden langs de kant. Alles deed pijn maar er zat weer iets van tempo in. Binnen de 4 uur?……Nee, uiteindelijk kwam ik binnen in 4:00:01! Echt waar! Hoe krijg je het voor elkaar? Maar ik had echt geen seconde harder gekund vandaag. Het zat er gewoon niet in. Nooit heb ik zo stuk gezeten na een marathon.

Teleurgesteld? Ja natuurlijk. Maar toch kwam ook al vrij snel het besef dit eigenlijk te verwachten was. Tussen mijn oren zat het gewoon niet goed. Te veel aan mijn hoofd gehad de afgelopen periode. Mentale conditie is net zo belangrijk als lichamelijke conditie. Lesje geleerd. Gezien de omstandigheden ben ik met terugwerkende kracht blij en tevreden dat ik hem heb uitgelopen. Uitstappen was makkelijker geweest en dan was ik echt teleurgesteld geweest. Er komen nog marathons genoeg en ik ga ik ga echt nog wel een paar goede lopen. En die problemen van me? Daar kom ik uit. Het begin is er, de goede weg is ingeslagen. Er is alleen nog wat tijd nodig. What doesn’t kill you, makes you stronger!

Advertenties

Opnieuw een streep door Rotterdam

De marathon van Rotterdam en ondergetekende. Het wil maar niet lukken, het schijnt niet te mogen. Er is niet eens sprake van een slecht huwelijk, het komt niet eens tot een eerste date. Ook dit jaar sta ik ingeschreven voor marathon in de Maasstad en ook dit jaar, net als vorig jaar, zal ik niet aan de start staan. Opnieuw een streep door Rotterdam. Er lijkt een vloek op te rusten.

Een aantal jaren geleden zijn er – bij toeval, het onderzoek was voor iets heel anders – galstenen bij mij geconstateerd. Last had ik daar op dat moment absoluut niet van. De arts wist me te vertellen dat dat absoluut niet uitzonderlijk is. Een groot deel van de mensen die galstenen bij zich dragen merken daar nooit iets van. En zo lang je er geen last van krijgt, wordt er niets aan gedaan. Prima!

In de zomer van 2015 kwam daar verandering in. Toen maakt ik voor het eerst kennis met koliekpijn. Die pijn ontstaat doordat een galsteen de galwegen blokkeert. De galblaas probeert door hevig samen te trekken deze blokkade op te heffen en dat doet pijn. Veel pijn. Heel veel pijn. Die eerste aanval duurde een uurtje en toen trok de pijn weer weg. Later op de dag volgde gezellig weer een nieuwe aanval en ook de dag erop was ik een keer of drie de klos. De dagen erna namen de aanvallen in aantal en hevigheid weer af.

Uiteraard heb ik de huisarts met een bezoekje vereerd. Mijn symptomen waren volkomen normaal. Aanvallen komen en gaan. Het zou zelfs in theorie mogelijk zijn dat ze nooit meer terug zouden komen. Okay, duidelijk. Volgende vraag is dan natuurlijk “hoe nu kijkoperatie_galblaasverder?” Er zijn twee opties. De eerste is een operatieve ingreep. De gehele galblaas, inclusief stenen, wordt verwijderd. Een mens kan prima leven zonder galblaas. Andere optie is er op te gokken dat de aanvallen weg zijn en weg blijven. Waarom opereren als je je goed voelt? Ik was er op dat moment snel uit. Geen onnodig gesnij in mijn lijf.

Dat ging een aantal maanden goed. Maar de aanvallen kwamen weer terug…en verdwenen weer. Dus weer uitstellen. Een weer kwamen de aanvallen. En weer had ik een excuus om uit te stellen. Dat is niet zo moeilijk hoor. Het is heel makkelijk om in je hoofd allerlei verschrikkelijk goede redenen te bedenken om je niet te laten opereren en te dealen met pijn. Een mens, en dit exemplaar in het bijzonder, is een raar wezen.

Tot ik een aantal dagen voor kerst onderweg in de auto opnieuw een aanval kreeg. En wat voor eentje. Zo heftig had ik ze nog niet gehad. Met moeite kreeg ik mijn auto op een parkeerplaats om het daaropvolgende uur in de auto door de pijn tot niet veel meer in staat te zijn dan ademhalen. Zo kon het niet langer. Een dag later contact opgenomen met het ziekenhuis. Uiteindelijk operatie in de 2e helft van januari.

In die tussentijd, de pijn was natuurlijk weer weg en ik voelde me inmiddels weer prima, liep ik nog wel even 15 kilometer tijdens de Nieuwsjaarsloop in Leiden, onderdeel van het Z&Z-circuit. Ik moest natuurlijk toch mijn positie in het klassement verdedigen. Wat een nieuwjaarsloop-leidenleuk loopje is dat. Alleen de planning laat te wensen over. Zo’n eerst weekend in het nieuwe jaar ben ik niet op mijn best. De feestdagen hadden duidelijk hun sporen nagelaten. Genoten heb ik er van hoor, het was een topdag. Best wel lekker gelopen ook, echt waar. Maar die eindtijd. Tsja.

Op 25 januari was het dan zo ver. Operatiedag. Al om half 7 moest ik me in het ziekenhuis melden zodat om 8 uur de chirurg op vakkundige wijze de galblaas uit mijn lijf kon peuteren. Om exact 10 uur werd ik weer wakker op de uitslaapkamer waar ik om 5 over 10 al weer praatjes had. Operatie geslaagd. Eén nachtje mocht ik van de gastvrijheid van het ziekenhuis genieten en de volgende ochtend om 11 was ik weer thuis.

Het herstel gaat behoorlijk snel. De eerste dagen deed mijn buik nog behoorlijk pijn maar dat verdween snel. Ook het energiepeil ging weer snel omhoog en na een paar dagen was ik weer halve dagen aan werk. Na anderhalve week waagde ik me zelfs al weer aan mijn eerste loopje. Mocht eigenlijk nog niet maar het bloed kruipt waar het niet gaan kon. Vanochtend het laatste bezoekje aan het ziekenhuis waar de behandeld arts me volledig genezen heeft verklaart. Ik mag alles weer. Nou ja, bijna alles. Ik mag nog niet zwaar tillen voorlopig. Nou dokter, aan zwaar tillen heb ik toch een pesthekel. Dat komt wel goed.

Al bij al ben ik 2 weekjes uit de running geweest. Dat is best veel in de voorbereiding van een marathon. Ook weer niet onoverkomelijk maar het wordt wel erg passen en meten om me fatsoenlijk voor te bereiden op Rotterdam zeker gelet op het feit dat er op mijn werk een heel drukke periode voor de deur staat. Druk op de ketel! En daar heb ik nou net geen zin in. Het moet wel leuk blijven. Op de drukte op mijn werk heb ik geen invloed, op mijn loopschema wel. Er blijf dus niets anders over dan Rotterdam voor het 2e jaar op rij te schrapen. Jammer maar het is niet anders.

De komende weken ga ik lekker de trainingen weer oppakken. Maar eens rustig kijken hoeveel ik achteruit ben geworpen door die operatie. Op het eerste gezicht lijkt dat reuze mee te vallen. Het lopen gaat opmerkelijk goed. Dat valt 100% mee. Ik heb de marathon van Leiden in mijn achterhoofd. Ruim genoeg tijd om me daar goed op voor te bereiden. Maar het hoeft niet. Eerst de komende weken maar eens kijken hoe het herstel vordert. Alles mag, niets hoeft.

Ter Speckeloop – Z&Z circuit

Ruim 10 seconden per kilometer sneller zou ik moeten zijn om een PR te lopen. Ruim 10 seconden per kilometer sneller dan 3 weken geleden toen in een PR om de 10 Engelse mijl (16,1km) liep. Deze keer stond er bij de Ter Speckeloop in Lisse, de tweede loop van het Zorg en Zekerheid circuit, slechts 15 kilometer op het programma maar 10 seconden per kilometer is best veel. Tuurlijk, het PR op de 10 Engelse mijl stond niet al te scherp en ook het huidige record is nog wel voor verbetering vatbaar maar 10 seconden per kilometer is best veel. Nee, die 1:08:32 zou vandaag wel overleven. Onder de 1:10:00 zou voor vandaag meer dan mooi zijn.

En dat blijkt het zo’n dag te zijn waarop alles klopt. Het weer was fantastisch. Graadje of 8, zonnetje en nauwelijks wind. Voor de verandering was ik eens een keertje ruim op tijd. Op mijn gemakkie een kopje koffie en lekker op de atletiekbaan inlopen. Onmiddellijk na de start kwam ik in een mooi groepje terecht. Dit groepje onderhield een straf tempo. zzEigenlijk iets harder dan ik normaal doe op een 15 kilometer maar het voelde goed. En daarbij had ik me voorgenomen om nou eens niet te voorzichtig te starten dus dat straffe tempo kwam me wel goed uit.

Wat ook klopte was het parcours. Lange rechte stukken en goed lopende bochten, zorgen voor een lekker ritme. Zelfs het feit dat er 3 ronden gelopen moesten worden kon me vandaag niet deren. Na het eerste rondje kwamen we door in een tijd niet slechts een paar seconden oven mij PR lag en het voelde goed. Ook gedurende het tweede rondje bleef het tempo strak. Kilometertijden die schommelden tussen 4:32 en 4:39 zorgden er voor dat ik op 10 kilometer nog steeds maar een seconde of 15 achter lag op mijn PR. En bovendien voelde het bepaald niet alsof ik tegen de limiet aan zat.

Als je dan zo dicht op je PR zit dan ga je er voor. Slechts een paar seconden per kilometer sneller en het PR zou zowaar haalbaar zijn. Op 4 kilometer voor de streep zei het het groepje dan ook vaarwel en zette een versnelling in. Kilometertijden van 4:25 zouden me moeten leiden naar een parcours. Ja, ja ondanks de inspanning was ik zowaar ook nog in staat tot hoofdrekenen. Kilometertijden van 4:25 bleken iets lastiger. Kilometer 12 en 13 gingen nog wel. Die kilometers voelden nog soepel aan en daar vond ik het nog leuk. Kilometer 14 en vooral 15 waren anders. Langzaam, of eigenlijk best snel, ging het lampje uit. Hardlopen begon meer op harken te lijken en alles begon zeer te doen. Nee, leuk was het nu niet echt meer. Maar het tempo bleef wonder boven wonder nog aardig constant. Toen ik de atletiekbaan opdraaide wist ik het zeker. Ook vandaag zou er een PR sneuvelen. Eindtijd van de 15 kilometer was 1:08:19. Dat is 13 seconden onder het oude PR.

De laatste maanden lijkt alles op hardloopgebied te lukken. Maar liefst 3 PR’s in iets meer dan 2 maanden. In Berlijn sneuvelde mijn beste marathontijd, in Mijdrecht was de tijd op 10 Engelse mijl aan de beurt en vandaag dus de 15 kilometer. Blijkbaar doe ik de laatste maanden dus iets goed. Dat blijf ik dan nog maar even doen is mijn idee.